Stilte

//Stilte

Stilte

Er stond een mij onbekende juf in de ruimte toen ik binnenkwam. Ik was juist wat vroeger gekomen om een minuutje te kunnen bijkletsen met Cindy maar ze bleek ziek thuis. Of ziek? Zoals we tegenwoordig allemaal zo nu en dan binnenshuis zitten, wetende dat er niets meer aan de hand is dan een snotneus en een kriebel in de keel, maar ja. We wachten de testresultaten af, komen onze tijd door met het bijwerken van onze website en socials, rekken en strekken tussen de soep en de aardappelen onze ledematen even op en hopen dat het niet al te druk is in de testcircuits.

Anja geeft een andere les: Vinassa. Het is de yoga die we kennen waarbij alle verschillende houdingen met zachte kneedgum aan elkaar zijn geplakt. Fijn. Maar er is nóg een verschil: de vervangjuf laat de muziek aan staan. Geen onherleidbare pingelpangel van triangel en panfluit maar echte, herkenbare liedjes. Ik ken de teksten, ik zou kunnen meezingen.

We praten erover als Cindy weer terug is. Tot mijn verbazing zijn de meningen verdeeld; de ene helft van de groep geeft aan juist baat te hebben bij de muziek omdat het hen juist uit hun hoofd haalt. Het luisteren naar de muziek kalmeert en stagneert het denken waardoor het dus stil is in hun bovenkamer. Voor mij is dat anders. Ik heb de werkelijke stilte nodig om bij mijn eigen gedachten te komen. Of nee, misschien wel bij mijn eigen centrum, waar het stil is eigenlijk.

Ik beoefen de yoga al zo’n tien jaar. Al die jaren hoor ik hoe het vanaf een bepaalt moment stil hoort te worden in mijn hoofd. Dat wordt het nooit. Maar ik vind dat ook niet erg. Ik hoor mijzelf graag denken zolang het verrassende gedachtenstromen zijn waarmee ik mijzelf weet te verrassen. Die lijken helemaal niet te ontstaan in mijn hoofd, maar eerder opborrelen vanuit mijn kern. Ik weet zelf ook niet goed hoe dat werkt. Wat ik wel weet is dat het er stil voor moet zijn.

Het zijn de zaken die ik heb ópgeslagen die naar boven komen. Vaak zaken die ik niet bewust heb gehoord, die wel via mijn oren zijn binnengekomen maar niet tot in mijn hersenen zijn doorgedrongen. Ze zijn gaan zwerven in mijn lijf en geland in, tja wat ik dus mijn centrum noem. Ze komen ineens naar boven: het woord dat ik zocht tijdens het gesprek vorige week dinsdag, een recept dat ik al jaren niet meer heb gemaakt, de betekenis van een maatregel die werd genoemd in het acht-uur-journaal, waar de witregel hoort in een nieuw gedicht.

De stilte. Ze houdt zich schuil achter de boxen van de jeugd, achter de stemmen van de kappers, achter het gezoem van de ventilatoren, de tl-balken, de monitoren. De stilte. Ik zou er zo veel over kunnen zeggen, of nee laat maar.

 

Door |2020-12-21T16:15:26+01:007 oktober 2020|0 Reacties

Laat een Reactie achter

Contact

Advies nodig? Laat hier je gegevens achter!